Cambodja                                                                                                                                                             Terug naar de kaart

 

Cambodja - een interessant bezoek, het geweldige Angkor en zeer indrukwekkende mensen...  24 april – 3 mei

Praktische informatie Cambodja

 

 

Cambodja - een interessant bezoek, het geweldige Angkor en zeer indrukwekkende mensen...  
24 april – 3 mei

 
De sfeer is in Cambodja direct heel anders dan in Vietnam. Phnom Penh doet ons heel anders aan dan de Vietnamese steden. Er zijn hier veel minder motoren en veel meer auto’s en gek genoeg rijden er ook nog aardig wat redelijk nieuwe auto’s rond ook. Ze hebben hier wel dezelfde handige stoplichten als in Vietnam. Naast het verkeerslicht hangt een teller die aangeeft hoe lang het licht nog rood of groen blijft. In Nederland zou dat waarschijnlijk een heleboel gassende auto’s opleveren die dit als het startsein voor een ‚straatrace’ zouden opvatten. Hier is het gewoon alleen maar handig. De gebouwen en de brede straten met bomen geven de stad een wat Frans karakter. Dat Cambodja en daarmee Phnom Penh wel degelijk een arm land is wordt duidelijk als de chauffeur de ‚backpackerswijk’ ingaat waar hij ons bij een hotel zal afzetten. We komen terecht in een wirwar van smalle steegjes. De straatjes zijn onverhard en voorzien van enorme kuilen. Het is 40 graden en al tijden droog, wat alles lekker stoffig maakt. In de regentijd verandert het hier ongetwijfeld in een modderpoel. Iedereen lijkt hier buiten te leven en er wordt van alles en nog wat verkocht. Het hotel waar we worden afgezet ziet er prima uit en heeft een restaurant op het dak met uitzicht op het meer. We besluiten om hier te blijven. Het dakterrasrestaurant blijkt ook nog eens uitstekend eten en heerlijke coconut-limeshakes te serveren. Bovendien is dit een plek waar je de zeer schaarse zuchtjes wind kunt proberen op te vangen.....genoeg redenen om hier neer te ploffen dus...
 
De volgende dag gaan we eerst eens een beetje internetten en de eerste resultaten van onze digitale camera doorsturen. De belangrijkste reden hiervoor is dat we dit kunnen doen in een ruimte met airco. We hebben te lang gedaan over wakker worden en ontbijten, dus het is inmiddels midden op de dag en als je alleen je neus al buiten de deur steekt begin je al te zweten. Tegen het einde van de middag, als het theoretisch wat afgekoeld zou moeten zijn, gaan we Phnom Penh maar eens bekijken. We wandelen zo langzaam mogelijk door de straten. De straten zijn ruim, maar ondanks dat we duidelijk door een ambassadewijk lopen ziet het er arm uit. Bij de Wat Phnom heuvel is het gezellig druk. Mensen hangen een beetje rond in het parkje om de heuvel. Op een muurtje zit een aap de boel op z’n gemak te bekijken. Verder lopend langs de rivier houden de sjofele huizen ineens op en komen we bij een grote open plek met daaraan het Royal Palace. Dit is echt een schitterend gebouw. We zijn nu ook in een mooi stuk van de stad terecht gekomen. Nu we eenmaal lopen houden we ook nog wel aardig vol. We zweten dus nog even door en dwalen verder... Het begint net te schemeren als we terugkomen bij het hotel. Tijd voor het dakterras....
 
Marc heeft een paar jaar geleden is zijn werk iemand ontmoet van de Cambodjaanse ambassade. Ze heeft hem destijds haar kaartje gegeven met de uitnodiging om haar beslist te bellen als hij ooit naar Cambodja zou gaan. Uit een eerder telefoontje voor ons vertrek weten we dat ze nog weet wie Marc is en dat ze inmiddels terug is naar Cambodja en woont en werkt in Phnom Penh. Marc heeft haar telefoonnummer op haar werk gekregen. Het is nu maandagochtend en we zijn in Phnom Penh, dus we gaan haar maar eens bellen.
 
In het hotel kunnen we niet bellen en de openbare telefoon waar we naar worden verwezen blijkt de mobiele telefoon van iemand achter een van de stalletjes buiten te zijn. Daar hebben we niet zo’n zin in, dus we gaan terug naar het hotel. We laten bij de receptie het visitekaartje zien om duidelijk te maken dat we alleen maar lokaal willen bellen en als hij ziet dat we iemand willen bellen die op een ambassade werkt zijn we ineens ‘special guests’. Natuurlijk mogen we de telefoon gebruiken en hij geeft ons ook nog gratis een reisgidsje van Angkor mee.... Het is half 10 als we haar aan de telefoon krijgen. Ze vindt het leuk om te horen dat we in Phnom Penh zijn en ze nodigt ons uit om om 11 uur bij haar langs te komen op haar werk. We weten dat ze bij buitenlandse zaken werkt, maar we hebben geen idee wat ze precies doet. We plukken de meest
fatsoenlijke kleren die we bij ons hebben uit onze rugzak en gewapend met deodorant en een lapje om het zweet af te vegen gaan we op weg naar het ministerie. We lopen er zo traag als we kunnen heen om met zo min mogelijk zweetplekken aan te komen. Op de hoek van de straat werken we de onvermijdelijke symptomen van plakkerigheid zo goed en zo kwaad als het kan nog even weg met de deo en het lapje, tot groot vermaak van het meisje dat daar fruit staat te verkopen. Bij de ingang moeten we onze paspoorten afgeven in ruil voor een bezoekerspas. Vervolgens worden we naar binnen begeleid. Het bordje op de deur van het kantoor waar we worden binnengelaten maakt duidelijk wat haar huidige functie is. We zijn gewoon op bezoek bij de ‚under secretary of state’..... Ze verontschuldigt zich voor het feit dat dat ze maar een uur de
tijd heeft, omdat ze nogal druk is met de voorbereidingen van het officiële staatsbezoek van de minister president van Pakistan van de volgende dag. Wij vinden het nogal wat dat ze dan binnen anderhalf uur tijd heeft voor ons....Het wordt een bijzonder bezoek. We praten onder het genot van een kopje thee over van alles en nog wat. Van koetjes en kalfjes tot de situatie in Cambodja. Van de problemen met de landmijnen en het gebrek aan scholing tot toeristische tips. Tegen lunchtijd biedt ze aan om ons naar het nationaal museum te rijden. Als we onze paspoorten hebben opgehaald worden we door haar opgehaald in haar auto met chauffeur. Ze laat ons nog wat van Phnom Penh zien en koopt voor ons een typisch Cambodjaans gerecht, sticky rice in bananenbladeren. Voor de deur van het nationaal museum nemen we afscheid en wisselen we e-mail adressen uit. Dit was wel een heel bijzondere manier om de ochtend in Phnom Penh door te brengen.
 
 
Het nationaal museum is een heerlijke plek om op je gemak rond te kijken. Het is niet al te groot, maar zowel de kunstvoorwerpen als het gebouw zelf zijn de moeite waard. De rest van de middag dwalen we nog een beetje door Phnom Penh en bezoeken we onder andere een paar zeer interessante supermarkten (airco!!). De volgende dag gaan we door naar Siem Reap. We worden vroeg opgehaald voor de bus wat er op neerkomt dat iemand ons lopend op komt halen bij het hotel en dat we samen met een aantal andere rugzakkers achter de jongen aansjokken naar het begin van de wijk. Hier staat een oud minibusje in twijfelachtige staat op ons te wachten. Het is niet te hopen dat we in dit ding helemaal naar Siem Reap moeten. De bagage wordt voor in het busje opgestapeld. De jongen pakt Marc z'n rugzak aan, maar die is duidelijk iets zwaarder dan verwacht en door het gewicht valt hij letterlijk om en tuimelt hij achterover de voorstoelen en belandt hij met rugzak en al op het dashboard. Het minibusje blijkt ons gelukkig niet verder te brengen dan het busstation, waar we overstappen in een grote lokale bus. Weliswaar een oude, maar wel met airco. De weg is slecht, maar we hebben in China erger meegemaakt, dus onze botten blijven keurig op volgorde dit keer. Halverweg stopt de bus voor lunch. Als we terugkomen in de bus moeten we nog even wachten en de airco staat nog niet aan.... het zweet
loopt langs onze armen naar beneden en het druppelt via onze vingertoppen op de grond... het is nog steeds lekker warm. Onderweg passeren we urenlang dorre, kale vlaktes met een enkele boom. Vroeg in de middag arriveren we in Siem Reap. Het trottoir waar de bus stopt staat vol met Cambodjanen die om het hardst schreeuwen om hun hotel of tuk tuk aan te prijzen (inclusief onszelf stappen er 3 buitenlandse toeristen uit de bus....). Het lijkt wel een kippenhok. Midden in deze chaos worden onze rugzakken uitgeladen. We sluiten ons stoïcijns af voor al het gekakel, hangen onze rugzakken op en lopen in de richting van een hotel. Eén tuk-tuk chauffeur is erg volhardend en volgt ons. Nu we uit het gekakel zijn, kunnen we rustig kijken wat hij in de aanbieding heeft. Het hotel ziet er goed uit en het is een aardige vent, dus we stappen in z'n tuk-tuk en
checken in. 
 
De rest van de middag en de volgende ochtend kijken we een beetje rond in de omgeving van de oude markt. En dan gaan we doen waarvoor we gekomen zijn.... naar Angkor! We willen een driedaagse pas kopen, maar als je die 's middags na half 5 koopt mag je er al in, terwijl ze je pas de volgende dag in laten gaan. Op die manier krijg je als het ware een zonsondergang extra. We maken een goeie deal met onze tuk-tuk chauffeur voor de zonsondergang en de komende drie dagen en we spreken af aan het einde van de middag bij ons hotel. Als we klaar zijn om te vertrekken blijkt dat onze tuk-tuk chauffeur er niet is, maar dat hij een vriend heeft gestuurd. Hij weet van de afspraken en de prijs en hij is een stuk bescheidener en sympathieker dan z'n vriend, dus we stappen in de tuk-tuk van Mr. Ohda. Nadat we onze passen hebben gekocht brengt hij ons naar Angkor Wat, zodat we dat kunnen zien in het avondlicht. We lopen langzaam richting de rempel, het beeld als het ware in onze opzuigend. Dit is werkelijk schitterend, de tempel lijkt wel energie uit te stralen. Je kunt hier echt uren naar kijken.
We maken ons met moeite los van het beeld en gaan terug op op tijd voor de zonsondergang bij Phnom Bakheng te zijn. Het is een flinke klauterpartij, waar we worden beloond met een schitterend uitzicht op de jungle en Angkor Wat. We blijven hier zitten kijken tot het donker begint te worden. Onze tuk-tuk brengt ons terug naar het hotel. We bruisen van de energie en kunnen niet wachten tot we aan onze drie dagen tempelen kunnen beginnen.
 
De volgende dag staan we vroeg op (5 uur) om de zonsopgang bij Angkor Wat te kunnen zien. Op die manier kunnen we gelijk mooi de vroege uren benutten, wanneer het nog relatief koel en het fotolicht het mooist is. We zitten uren in  Angkor Wat, gewoon te zitten en te kijken en de sfeer te beleven. Mr. Ohda rijdt voor ons vandaag de 'kleine ronde', dus na Angkor Wat volgt Angkor Thom met de Bayon, Ta Phrom en de een na de andere mooie tempel. We dwalen door de ruïnes en beklimmen de oude steile stenen trappen. Ik heb op meerdere plekken gedacht dat het eigenlijk niet slim was om naar boven te klimmen, omdat ik waarschijnlijk nooit meer naar beneden zou durven (normaal al niet, dus laat
staan met een gare knie...), maar je bent nou eenmaal maar één keer in Angkor en vraag niet hoe... maar we zijn overals weer veilig beneden gekomen.... Op het heetst van de dag bewegen we van schaduw naar schaduw en we drinken liters water. We moeten ons haasten om de zonsondergang bij Angkor Wat niet te missen. Het is al weer donker als terugrijden naar Siem Reap. We nemen Mr. Ohda mee uit eten. Daarna gaan we terug naar ons hotel. We zijn gesloopt en dat is niet alleen omdat we meer dan 12 uur lang bij 40 graden tempels hebben lopen kijken.
We zijn ook moe van de indrukken. De tempels zijn geweldig, maar ook de mensen die je tegenkomt maken een enorme indruk. Je ziet hier vreselijk veel armoede en je komt nogal wat mensen tegen die een of meerdere ledematen missen omdat ze op een landmijn zijn gelopen. We geven dan ook ons halve dagbudget uit aan dingen die de we absoluut niet nodig hebben of we geven het gewoon stomweg weg. Je wordt hier de hele dag geconfronteerd met bedelaars en kinderen die je van alles willen verkopen. En hoewel ze het stuk voor stuk goed kunnen gebruiken,
kun je onmogelijk iedereen wat geven. Zelfs monniken vragen om geld als je met ze staat te praten en politieagenten proberen je hun badge te verkopen als souvenir. Terug bij het hotel komen we een stel Zuid-Afrinkenen tegen die we in Vietnam hebben ontmoet. We drinken nog wat en dan storten we echt in bed.. na een verfrissende douche. Ondanks de sirco is het warm. Ik slaap hier zelfs met m'n haar in een staart, omdat het gewoon te warm is om het los te laten. 
 
We hebben om 7 uur de volgende ochtend afgesproken met Mr. Ohda. Om 6 uur s'morgens worden we wakker van de t.v. We hebben gisteravond nog even de tv aangezet, maar zijn al zappend in slaap gevallen.... Vandaag doen we de 'grote ronde'. We gaan onder andere naar de verafgelegen Banteay Srey tempel. Naast het feit dat dit een mooie tempel is is het ook een leuk ritje. Zo zien we nog wat van het landschap en de mensen. Onderweg stoppen we nog even bij een huis waar ze suikersnoepjes maken. Natuurlijk kopen we een stapel. Iedere keer als Mr. Ohda bij de volgende tempel stopt hebben we moeite om ons uit de tuk-tuk te hijsen (deels door vermoeidheid, deels omdat er zoveel verkopers om de tuk-tuk heen staan), maar iedere keer krijgen we weer energie van het zien van de tempels. Vooral de tempels waar de bomen op groeien (Ta Prohm en Preah Khan) zijn schitterend en erg fotogeniek. Vroeg in de middag zijn we klaar met ons rondje en we besluiten om even een pauze in te lassen. we gaan terug naar Siem Reap voor een late lunch en een uurtje nietsdoen. Daarna neemt Mr. Ohda ons mee naar Phnom Krom om daar de zonsondergang bij het meer te bekijken. Alleen de rit erheen is al geweldig. We rijden over een soort dijk langs huizen op palen
en 'gluren; in het dagelijks leven van de gezinnen hier. In het natte seizoen schijnt dit hele gebied onder water te staan. Het is bijna niet voor te
stellen. We moeten weer een flinke heuvel beklimmen om de zonsondergang te kunnen zien. De zonsondergang is niet erg spectaculair, maar het is een lekkere wandeling. Weer terug beneden neemt Mr Ohda ons mee naar een typisch Cambodjaans restaurant waar geen toeristen komen. Volgens Mr Ohda kun je hier een speciale soep eten, dus dat willen we wel eens proberen. Het restaurant is een verzameling plastic tafeltjes en stoeltjes waar het behoorlijk druk is, maar waar inderdaad geen toerist te vinden is. Mr Ohda heeft een zeer beperkte engelse vocabulaire en de soep blijkt een hot pot te zijn. We krijgen een pot pruttelende bouillon geserveerd die ze op een brander in het midden van de tafel zetten. Het is er ook echt weer voor om gezellig bij een brander te zitten... maar dat hebben we er wel voor over om typisch Cambodjaans te kunnen eten. Er worden allemaal schaaltjes geserveerd met groente , vlees en eieren (nog rauw, maar wel uit de schaal) die in de bouillon moeten worden
klaargemaakt. Mr Ohda begint enthousiast de inhoud van de schaaltjes in de hete bouillon te gooien. Als we vragen wat het allemaal is dan blijken zojuist de koeietenen en de hersenen in de hotpot verdwenen te zijn. We gaan er maar vanuit dat we alles veilig kunnen eten zolang die hot pot zo kokend heet is... Het smaakt niet verkeerd, maar het is ook geen culinair hoogstandje. Het is wel een gave ervaring.
 
De volgende dag is onze laatste Angkor dag. We hebben besloten om niet nog meer kleinere tempels te gaan bezoeken, maar om terug te gaan naar de tempels die we het mooist vonden en daar nog rond te kijken. Eerst gaan we naar Angkor Thom. De Bayon is een van onze favorieten en we hebben een aantal dingen in Angkor Thom, zoals het olifantenterras nog niet echt goed bekeken. Hierna gaan we op ons gemak ontbijten bij een van de stalletjes. We bestellen brood met ei van de engelse kaart (die ze zelf niet kunnen lezen..), maar dat is er niet. Na een paar minuten komt de vrouw teruglopen en maakt ons duidelijk dat we het toch kunnen krijgen als we een paar minuten willen wachten. Haar man wordt op de
motor weggestuurd en komt een paar minuten later terug met broodjes. De vrouw begint ijverig te kokkerellen en uiteindelijk krijgen we 3 broodjes met warm vlees geserveerd. Het smaakt prima en de glimlach van de vrouw is onvergetelijk. Er blijkt een heel gezien met kinderen te bivakkeren. Aan de kinderen delen we pluche beestjes uit die we bij ons hebben. Nu blijkt dat de kinderen die als zo jong worden geleerd om gehaaid geld te verdienen aan de toeristen, toch nog wel echt kinderen zijn gelukkig. Hun oogjes lichten helemaal op. We gaan door naar Ta Prohm, een andere favoriet. Dit is een van de tempels waar bomen op de tempelruïnes groeien. Tomb Raider is hier opgenomen. We zitten hier gewoon een tijdje te zitten en te kijken. Een vrouw met twee kinderen loopt beeldjes te verkopen. We kopen er een en geven ons laatste
pluchebeestje aan het meisje. Ze is er helemaal gelukkig mee, maar desondanks geeft ze 'm aan haar kleine broertje. Van een paar andere toeristen horen we dat het meisje ons door de jungle naar de 'verborgen' north gate kan brengen. Ze brengt ons naar een plek die we zelf nooit gevonden zouden hebben en komen uit bij een gigantische stenen kop die overwoekerd wordt door bomen. Schitteren. Na de lunch gaan we nog even naar Angkor Wat om de sfeer op te snuiven. We loper en nog een keer om heen en bekijken het complex vanaf de bibliotheek. Dan
besluiten we dat het mooi is geweest. Het is vandaag een feestdag en Mr Ohda heeft zich laten ontvallen dat hij graag met z'n vrouw naar de zonsondergang bij Angkor zou willen. Het is inmiddels 4 uur, we zijn moe en uitgetempeld.... we gaan terug naar het hotel. Angkor was absoluut een van de hoogtepunten van onze wereldreis!!
 
De volgende dag doen we lekker niks. 's Avonds gaan we nog een laatste keer eten in 'Good Kharma, ons favoriete restaurant. We kopen nog een stapeltje ansichtkaarten bij een van de invaliden. Niet dat we die nodig hebben, maar deze mensen werken tenminste en proberen er iets van te maken. Ze hebben een bordje op hun kaartstalletje met "ik wil niet bedelen, ik wil werken" en dat spreekt ons erg aan. Het blijkt dat we dit keer bij Sem Sovantha zijn terecht gekomen, de oprichter van een organisatie die zich er hard voor maakt om de invaliden die armen of bene verloren zijn door de landmijnen weer aan het werk te krijgen. Deze organisatie heeft een aantal hele goede initiatieven gestart. Als je nog een goed doel zoekt om een gift aan te geven, dan is dit een goede bestemming voor je geld. Ze kunnen het goed gebruiken! (We zullen de gegevens
bij de praktische informatie opnemen).
 
De volgende dag gaan we door naar Thailand. De bus haalt ons 's morgens vroeg op bij het hotel. Het is een klein minibusje met barsten in de ruiten. We verwachten dat deze bus ons net las in Phnom Penh naar het busstation zal brengen, maar als we de 'highway' opdraaien, blijkt dat we met deze bus naar de grens gaan. Na twee uur hobbelen en stofhappen stopt de bus voor een plaspauze. Na 20 minuten gaan we allemaal weer in de bus. Tot onze verbazing draait de bus het terrein op wat naast het restaurant ligt, in plaats van de weg op te rijden. Het blijkt een garage te zijn. Er is iets niet goed aan de vooras wat moet worden gerepareerd en we moeten allemaal de bus weer uit. Waarom dit niet tijdens de pauze kon ontgaat ons.... Gelukkig is de boel snel "gerepareerd'. Er wordt wat op het metaal gebeukt en we kunnen weer verder... We rijden weer
verder over de hobbelige weg. Na een goed uur rijden stoppen we voor een brug. Het blijkt dat de brug kapot is en dat ze 'm aan het lassen zijn. We moeten de bus weer uit en wachten tot de brug is gerepareerd. De buschauffeur doodt de tijd met z'n lunch... uit een plastic zakje op het dashboard haalt hij een gegrilde kakkerlak en begint 'm lekker op te eten.... We kunnen weer verder. Om half 12 stoppen we weer bij een restaurant. Ze verdienen een hoop provisie tijdens dit ritje... Hierna is het nog maar een korte rit naar de grens. "Gelukkig" houden de Cambodjanen van zingen, dus ze beginnen spontaan een karaoke sessie om de tijd te doden. We kunnen onze neiging om 'een potje met vet' of 'we gaan nog niet naar huis' te gaan zingen nog net onderdrukken. Deze bus stopt bij de grens. We krijgen een soort badge op waarmee we aan de andere kant van de grens in de bus naar Bangkok kunnen stappen. In de brandende zon hangen we onze rugzakken op en gaan we de nodige stempels halen bij de douane. Dan wandelen we de grens over.... Thailand in.

                                                                                                                                                                    
                                                                                                                                                                            Top.


Praktische informatie Cambodja

Angkor Association for the Disabled
 
Wij vonden dit een hele goede organisatie die probeert om de vele invaliden in Cambodja weer aan het werk te krijgen. Veel mensen zijn invalide, missen een of meerdere ledematen of zijn blind doordat ze op een landmijn zijn gelopen, en zijn aangewezen op bedelen. Sem Sovantha is zelf allebei z'n benen kwijt heeft de 'Angkor Association for the Disabled' opgericht (zie ook het Cambodja reisverslag).
Deze organisatie heeft als doel om gehandicapten weer aan het werk te krijgen in plaats van ze te laten bedelen. Projecten zijn bijvoorbeeld het bouwen van 'sales carts', waar ze souvenirs van verkopen, een project met de gemeente waarbij invaliden de stad schoonhouden, training om invaliden beroepen aan te leren die ze ondanks hun handicap kunnen uitvoeren, huisvesting, enz. enz. Het lijkt ons een zeer goed initiatief. Als je dit leest en je wilt nog geld kwijt aan een goed doel, dan zouden we je willen vragen te overwegen om een gift te doen aan deze organisatie. Ze kunnen het geld goed gebruiken! 
 

Angkor Association for the Disabled

No 111, group 4, Slakamreok Commune

Siem Reap District, Siem REap Province, Cambodia

e-mail:semsovantha@yahoo.com

 

Rekeningnummer:

Union Commercial Bank PlC, Cambodia

Angkor Association for the Disabled

Acct #: 102-226-000206-5

 

Tax decuctible organization id: 062 SCHN

 

 
 
Angkor
 
Je kunt natuurlijk niet in Cambodja geweest zijn zonder Angkor te hebben gezien. Toegang: Je moet een toegangspas kopen om Angkor in te mogen. Je pas wordt gecontroleerd bij de ingang en bij iedere grote tempel. Een pas voor een dag kost $20,-, een pas voor drie dagen $40,- en een pas voor een week kost $60,-. Als je echt alles wilt zien dan heb je zeker een week nodig. Maar met drie dagen kun je de belangrijke tempels en een groot deel van de kleinere tempels op je gemak bekijken. Wij vonden drie dagen dus genoeg. Een dag is echt te weinig als je Angkor een beetje behoorlijk wilt bekijken. Als je de dag van tevoren je pas na half 5 koopt kun je er al in, terwijl je pas pas de volgende dag ingaat. Dit levert je een extra zonsondergang op. Je hebt een pasfoto nodig voor je pas. Je kunt die bij de ingang gratis laten
maken, maar het scheelt een hoop tijd als je er zelf een bij je hebt. Er zijn verschillende goede boeken van Angkor te koop. Ook op de oude markt vind je voor een paar dollar goede boeken met interessante informatie en goede foto's. De 'Siem Reap Angkor' visitor guide heeft heel handige kaartjes en een overzicht van de tempels met een klein fotootje erbij.

 

Vervoer:

Wij hebben voor drie dagen en de voorafgaande zonsondergang een tuk-tuk geregeld die ons overal heenreed waar we wilden en steeds op ons bleef wachten als we een tempel aan het bekijken waren. Een normale prijs voor een tuk-tuk is $8-10 voor een dag. Als je naar de verafgelegen tempels wilt, moet je meestal iets meer betalen. Wij betaalden voor onze drie-en-een-halve dag $29,- inclusief de Banteay Srey (37 km verderop). We kunnen Mr. Ohda van harte aanbevelen: (855) 12 614 702.

 
 
Hotels:
In Phnom Penh hadden we voor $3,- een kamer in het Grand View Guest House in de buurt van het meer. E-mail: Grand-view-gh@hotmail.com
 
In Siem Reap verbleven we in het Rytherin Villa. Hier hadden we voor $8,- een kamer met airco.
 
 
Geld:
De munteenheid in Cambodja is de Riel. Het is niet nodig om ergens riel bij een bank op te nemen. Je kunt in heel Cambodja met Us dollars betalen. Je krijgt dan vanzelf wat riel terug. 1US$=4000 riel. Er zijn in Cambodja geen pinautomaten. Je kunt geld opnemen op je creditcard of contant of traveller cheques wisselen bij banken in Phnom Penh of Siem Reap. Je traveler cheques of bankbiljetten moeten wel in prima staat zijn. Ze wilden onze traveller cheques niet accepteren omdat er een heel klein scheurtje in zat. De Canadian bank in Siem Reap (bij de oude markt) berekent geen provisie als je dollars opneemt op je credit card.
 
 
Vervoer:
Je kunt in Cambodja bij de hotels heel makkelijk bus of bootkaartjes kopen. In het droge seizoen is het geen doen om met de boot te gaan, omdat het water dan veel te laag staat. In het natte seizoen is het vaak wel weer slim om met de boot te gaan, omdat de wegen dan in zeer slechte staat zijn. Wij betaalden voor een buskaartje van Phnom Penh naar Siem Reap $4,- per persoon. De rit duurt ongeveer 6 uur. In Siem Reap kochten we een buskaartje wat je gelijk in een keer doorbrengt naar Bangkok. Je moet bij de grens dan wel overstappen in een andere bus.
 
Internet:
In Phnom Penh en Siem Reap zijn voldoende internetcafé's. Een uur internetten kost je meestal een dollar (4000 riel). Op veel plaatsen kunnen ze ook cd's branden.

                                                                                                                                                                                    Top.