Bolivië                                                                                                                                             Terug naar de kaart

 

Bolivië - een ervaring op grote hoogte... 27 oktober - 11 november 2004

 

Bolivië - een ervaring op grote hoogte... 27 oktober - 11 november 2004

We staan naast de bus in Copacabana. Onze rugzakken op, dagrukzakken aan de voorkant, gebogen over de lonely planet, op zoek naar een hotel. Plotseling voel ik van achteren een klap op m'n rugzak en word ik uit evenwicht geduwd. In een fractie van een seconde leg ik m'n hand op de zak waar m'n portemonnee in zit.. 'nu wordt ik beroofd', schiet er door me heen... ik draai me snel om en ... kijk in het grijnzende hoofd van Christian. Een stukje verderop staan Constanze en team Swiss. Zij zijn ook net aangekomen met een andere bus, zonder dat we dat van elkaar wisten. Later vertelt Christian dat hij het niet aandurfde om Marc in zijn nek te springen uit angst dat die in een reflex uit zou halen...

We checken in in hetzelfde hotel als zij. Voor 4 dollar per persoon zitten we in een gloednieuw hotel in een megakamer op een hoek op de 3e verdieping, met uitzicht aan twee kanten, een eigen badkamer, een schitterende houten vloer én uitzicht op het Titicacameer!
's Middags slenteren we lekker door het relaxte dorpje. We vinden Bolivië nu al leuker dan Peru. Vriendelijke, aardige mensen en niemand belaagt ons om ons van alles en nog wat te verkopen. We snuffelen lekker rond in winkeltjes met allemaal kleurige, wollen dingen. Ze hebben hier zelfs babykleertjes in een maat die alleen een pop zou passen en die hangen dan op hangertjes voor dameskleding met voorgevormde buste.. Als ik een verkoper vraag voor welke leeftijd deze maat bedoeld is, moet hij er zelf om lachen. En als de winkel dicht gaat, leggen ze gewoon een zeiltje over de artikelen die buiten liggen en zetten ze een stok schuin in de opening van de deur... Voor de kerk staat een bus versierd met bloemen klaar om gezegend te worden. Da's hier altijd nog goedkoper dan een verzekering afsluiten. In een zijstraatje verkopen ze popcorn in gigantische zakken in de meest syntetische kleuren. Kinderen spelen met hun moeders enorme vlechten die onder de bolhoedjes vandaan komen.
En een slager staat verveeld met een soort veren plumeau de vliegen van z'n vlees te jagen. Er valt hier genoeg te zien... Uiteindelijk gaan we terug naar het hotel en luieren wat en genieten van het uitzicht over het meer. Vooral als het later wordt en we worden getrakteerd op een geweldige zonsondergang!

's Avonds gaan we met z'n achten lekker eten en daarna lopen we nog even door het dorp. In de dorpshal is een volleybalwedstrijd aan de gang waar het halve dorp voor uitgelopen is en voor de kerk is een groep mensen een soort dans aan het doen op de muziek van de plaatselijke fanfare. Ik hoop dat het een soort oefening is, want het gaat allemaal nog niet erg synchroon... Lol hebben ze wel! Daarna wandelen we terug naar ons hotel en kijken we vanuit onze kamer samen met team Germany naar de maansverduistering. Wat een gaaf gezicht! Heel langszaam zien we de schaduw steeds een stukje verder voor de maan kruipen. Tot we de complete maansverduistering zien!

De volgende dag staan we heel vroeg op. We hebben namelijk bedacht om te gaan vissen op het Titicacameer. Christian en Urs hebben om 6 uur met een lokale schipper afgesproken. Hij zorgt voor de boot en een stuk of 4 hengels. Wij kunnen vissen en varen tot 12 uur.... In alle vroegte, het is net licht en vreselijk koud, staan we klaar om te gaan. Voorzien van dikke truien en een zak met broodjes. We lopen naar de rand van het meer waar de schipper al op ons staat te wachten. De boot licht klaar, maar ... de hengels niet. Hij heeft er maar één. Dat schiet niet erg op als je met z'n zessen bent... De schipper komt op het idee dat z'n vrienden misschien nog wel hengels hebben (als hij dat nou gisteravond had bedacht...) en hij verdwijnt langs het strand. Wij staan lekker te verkleumen aan de waterkant. Een paar minuten later komt hij terug met lege handen. Z'n vrienden sliepen nog, ze hadden teveel gedronken gisteravond...
Wij reageren (westers) enigszins pissig en teleurgesteld.. zijn we daarvoor zo vroeg uit ons bed gekomen..! De Boliviaan haalt z'n schouders op en geeft ons onze aanbetaling terug. We krijgen niet de indruk dat het 'm erg veel kan schelen..
Het is zelfs nog te vroeg om te ontbijten in het hotel, dus we gaan nog maar een uurtje terug naar onze kamer om elkaar daarna weer met duffe koppen aan de ontbijttafel te ontmoeten. We besluiten om maar gewoon met de reguliere boot naar Isla del Sol te gaan. We zitten allemaal een beetje duf en suf op de boot.
Op Isla del Sol blijken we maar een uurtje de tijd te hebben, dan moeten we al weer terug. We wandelen dus maar een half uurtje de berg op en dan weer naar beneden... een beetje suf is het wel... maar het Titicacameer blijft mooi....!

De volgende dag checken we uit en slenteren nog lekker door het plaatsje. Dan gaan we gezellig met z'n allen lunchen bij een restaurantje met een schattig binnenplaatsje. We bestellen allemaal verse jus d'orange. Hierop verdwijnt een van de medewerksters naar buiten om even later terug te komen met een grote plastic zak met sinaasappels. Ze moest even boodschappen doen... 's Middags nemen we de bus naar La Paz. Een oud barrel.. de bagage moet op het dak.. maar het rijdt nog best comfortabel. Halverwege moeten we over varen. Iedereen moet de bus uit en in klein bootje naar de overkant. Hiervoor moet je wel eerst je paspoort laten zien en een kaartje kopen voor 1,5 boliviano (15 cent). De bus gaat op een vierkant vlot naar de overkant en wiebelt gevaarlijk heen en weer.
Als de bus ook droog aan de overkant is gearriveerd stappen we allemaal weer in en vervolgen de rit naar la Paz.

We moeten even wennen aan de grote stad na het lieflijke Copacabana. La Paz is groot, druk en lawaaierig. We hebben 's morgens gebeld voor een reservering in een hotel, omdat we met 6 mensen tegelijk aankomen. Op zich goed, want het zit hartstikke vol, maar het hotel is geen vergelijk met het hotel in Copacabana. Maar we hebben ook geen zin meer om nog verder te gaan zoeken. Dus nemen we onze intrek in een donker en muffig hok. We hebben geen eigen badkamer, maar moeten het doen met een gezamenlijke douche in een kleine ruimte onder de trap. Ze hebben hier, zoals op zoveel plaatsen in Peru en Bolivië, een elektrische douche. Dit is er een uit de categorie met vernuftig aangelegde bedrading...

Toch blijkt La Paz wel een lekkere stad te zijn, nu we eenmaal aan het idee gewend zijn dat we weer in een grote stad zijn. Je kunt hier uren ronddwalen door straatjes met talloze souvenirswinkels en enorme markten. La Paz ligt erg hoog en is gebouwd in een soort kom, wat betekent dat iedere straat omhoog loopt. Dus je wordt wel gedwongen om rustig aan te doen! Hoewel we nu al een paar weken op hoogte zitten, voelen we ons toch nog steeds niet zo fit als op zee niveau. Op zich voelen we ons wel goed, maar je effe snel bewegen blijft lastig en aan het einde van de middag voelen we ons standaard moe. Daarbij komt nog dat alles hier enorm stoffig is. Marc loopt al weken te hoesten door de combinatie van hoogte en al dat stof. We moeten zo langszamerhand dus concluderen dat wij niet echt hoogtemensen zijn. Voorlopig passen we in ieder geval ons tempo daar op aan. We slenteren dus rustig over de enorme markten en gaan ons te buiten aan het kopen van souvenirs. Daar is La Paz bij uitstek voor geschikt. Buiten dingen die we willen kopen zijn er nog genoeg andere dingen te zien. Op de heksenmarkt verkopen ze rare kruiden, lama foetussen en het een en ander aan onbestendige zaken...
Op de lokale markt hebben ze niet alleen gekleurde popcorn, maar ook gekke, synthetische schuimsnoepjes in idiote kleuren, die eigenlijk nergens naar smaken. We kopen een zak voor Tamara (team Swiss) die vandaag jarig is. 's Avonds gaan we uit eten met Team Germany, Swiss en Holland 2 om Tamara's verjaardag te vieren. We gaan naar een pizzeria die we hier hebben ontdekt en die ontzettend lekkere pizza's maakt. De pizza's zijn zo'n 40 centimeter groot en worden geserveerd op een dienblad. Als we alle
8 een grote pizza bestellen, schrikt de eigenaar en vraagt hij of niemand wat anders wil.. maar natuurlijk willen we allemaal pizza.
Dan moet hij eerst even nakijken of hij wel genoeg kaas heeft! Maar gelukkig, hij denkt dat het gaat lukken. Terwijl we op onze pizza's wachten bieden Tamara en Urs ons een cuba libre aan. Bij een verjaardag hoort natuurlijk een borrel, dus ze zijn even aan de eigenaar gaan vragen of hij iets van alcohol schenkt. Het blijkt dat ze alleen maar cuba libre hebben... Daar hebben wij geen moeite mee, daar willen we best mee proosten! Dus gaat Tamara 8 cuba libre bestellen. Weer schrikt de eigenaar. Hij heeft wel cuba libre, maar geen 8! Uiteindelijk blijkt dat hij er maar één heeft.... het wordt dus een ordinair biertje... Hoewel hij er ook daar nog maar net genoeg van heeft.... Acht pizza's blijkt ook een hele uitdaging voor een restaurant als dit. De eerste pizza is al zo'n drie keer opgegeten tegen de tijd dat de laatste pizza arriveert. Maar dat mag de pret niet drukken, we delen gewoon alle pizza's....

We wandelen in La Paz ook nog naar de andere kant van het centrum naar een boekhandel om een lonely planet van Argentinië te kopen. Volgens de lonely planet heeft deze boekhandel een ruime sortering lonely planets, maar helaas, ze hebben alleen Bolivië en Europa (of all places....). De kans dat we na La Paz nog in een stad komen waar ze reisboeken verkopen is niet zo groot, dus we zullen moeten wachten tot de grens of Argentinië zelf. Nou ja, dan hoeven we ´m ook niet mee te sjouwen... Team Holland 2 ontdekt in La Paz een winkeltje waar je voor een boliviano per minuut (10 eurocent) naar Europa kunt bellen. Plotseling willen we allemaal even naar huis bellen!

We gaan nog uitgebreid lunchen met team Germany en team Swiss. Dan moeten we afscheid nemen. Wij reizen van La Paz naar het zuiden, naar Uyuni en zij reizen allemaal een andere kant op. We gaan dus weer met z´n tweeën verder...  We laten ons door een taxi naar het busstation brengen. Weer letten we goed op. We hebben de nodige verhalen gehoord van mensen die beroofd worden in een taxi in La Paz.  Maar gelukkig treffen wij weer gewoon een aardige man die gezellig een praatje met ons maakt. We hebben dit keer de buskaartjes bij een reisbureautje in het centrum gekocht in plaats van zelf bij het busstation en dat zullen we weten ook... De bus vertrekt ´s middags om half 4 naar Oruro, daar heb je dan 2 uur tijd om te eten en dan rijdt hij ´s nachts naar Uyuni en zal daar rond 6 uur ´s morgens aankomen. We melden ons in het busstation van La Paz bij de busorganisatie die op ons kaartje staat.
Om klokslag half 4 stapt het meisje uit haar kaartverkoophokje. Het is tijd om in te stappen. Tot onze verbazing begeleidt ze ons naar een andere busmaatschappij die naar Oruro gaat. Ze geeft ons kaartjes voor deze bus, die ze zelf net bij de andere maatschappij heeft gekocht en 2 vouchers voor haar eigen maatschappij voor het tweede deel naar Uyuni. Op het busstation in Oruro moeten we ons melden bij de busmaatschappij. De busrit naar Oruro verloopt verder voorspoedig. De bus is goed en de weg ook.

Onderweg zien we het langszaam donker worden. In de verte onweert het en aangezien er nergens licht brandt, is dat een behoorlijk sinister gezicht. Eenmaal in Oruro gaan we op zoek naar het kantoortje van ´16 julio´. Alles is hier genoemd naar belangrijke data uit het verleden. Straten, pleinen, busmaatschappijen... Het kantoortje is niet moeilijk te vinden, maar er is niemand! De man uit het hokje ernaast staat nors te roepen dat we bij hem moeten zijn. De bus van ´16 julio´ rijdt niet vandaag. Een aangezien hij zonder mij daar geld voor te vragen buskaartjes begint uit te schrijven, gaan we er maar vanuit dat het ook klopt. We gaan nu de rest van de rit met ´11 julio´. Alleen kunnen we de zitplaatsen die voor ons waren gereserveerd wel vergeten. We worden ingedeeld op 2 stoelen ergens achterin de bus. Als ik de buskaartjes zie is ook gelijk duidelijk dat we in La Paz enorm zijn afgezet. Deze kaartjes kosten 20 bolivianos en die van La Paz naar Oruro 12. Wij hebben maar liefst 65 bols betaald. Da´s dus ruim 30 bilivianos per persoon te veel. Omgerekend is dat maar 3 euro, maar voor hier is dat een heleboel geld... Volgende keer maar weer zelf naar het busstation dus...
We lopen het busperron op, waar ieder moment onze ´semi cama´ bus kan arriveren (een cama-bus is een ´slaap´bus en dus over het algemeen behoorlijk comfortabel) . Van een eetpauze is geen sprake. De bus vertrekt over een kwartier. Als de bus aan komt rijden kunnen we eigenlijk niet anders dan heel hard lachen.... wat een oud brik! De bus ruikt niet al te fris van binnen. De ramen kunnen niet meer open. De stoelen blijven niet meer in de ´zitstand´ staan, maar zakken steeds een paar tandjes achterover. Marc steekt met z´n knieën in de stoel van z´n voorbuurman, die ondanks dat verwoede pogingen blijft ondernemen om z´n stoel zo ver mogelijk achterover te zetten.
De bus is propvol en blijft steeds voller stromen. Het wordt helemaal mooi als er achtereenvolgens drie mensen de bus in komen en doorlopen naar achteren om hun stoel op te zoeken. Ze hebben een kaartje voor stoelnummer 46, maar de bus heeft maar 45 stoelen! Tegen de tijd dat de bus vertrekt staat het hele gangpad vol met mensen. Die mensen maken het zich gemakkelijk door op hun bagage te gaan zitten en beginnen daar yoghurt en rijst te eten, wat in no time natuurlijk door de hele bus verspreid ligt. Na een uurtje houdt ook het asfalt op de weg op en gaan we over in een soort karrespoor door zand en losliggende stenen. Het wordt een lange, hobbelige zit.... Ik krijg het voor elkaar om nog wat te slapen, maar Marc is alleen maar in gevecht met z´n voorbuurman en doet geen oog dicht. Dit is een van die nachten die je gewoon uit moet zitten en die vanzelf voorbij gaan....

En zo komen we ook vanzelf in Uyuni aan. Maar wel 2,5 uur vroeger dan ons was verteld. Het is pas half 4! Daar staan we dan. Het is stikdonker, ijskoud, we hebben slaap en de stad lijkt verlaten. We lopen naar een hotel en bellen aan, maar er wordt niet open gedaan. Er stopt een 4x4 van een tourbureau die ons wil helpen en bij een hotel aanbelt waar ze ongetwijfeld provisie krijgen. Maar de kamer ziet er zo slecht uit dat we ondanks het onmogelijke uur vriendelijk bedanken. Het volgende hotel is vol... Zo dwalen we door het slapende stadje tot we uiteindelijk bij een hotel aanbellen waarvan we weten dat het veel te duur is. Een man steekt slaperig z´n hoofd uit het raam en knikt zowaar ´ja´ als we ´m om een kamer vragen. De kamer is de prijs niet eens waard, maar we kunnen in ieder geval slapen. De volgende ochtend... of eigenlijk gewoon een paar uur later... kunnen we in ieder geval nog wel even profiteren van een uitstekende warme douche. Daarna eten we het wel heel erg eenvoudige ontbijt dat bij de prijs is inbegrepen en dan maken we dat we wegkomen... op zoek naar een goedkoper hotel. Dat hebben we gelukkig snel gevonden, zodat we de rest van de dag kunnen gebruiken om wat tourbureautjes te vergelijken en het stadje te bekijken. We boeken een tour voor 4 dagen naar de zoutvlaktes en de ´zuidwest circuit´ met een 4x4 bij een leuke, zeer vasthoudende dame. We zijn benieuwd...

De volgende ochtend slaan we onze grote rugzakken op in het hotel en melden we ons bij het reisbureautje. Het blijkt dat we met z´n zessen in de Landcruiser zullen rijden, samen met twee Engelsen en twee Amerikanen. Het lijkt direct te klikken, dus dat komt wel goed. We worden naar de auto gebracht om onze bagage in te laden. Het eerste wat we zien is dat er rook uit het dashboard komt. Dat begint goed! We hopen nog even dat het stof is, maar nee, er smeult gewoon iets achter de radio. De oplossing is simpel. De radio gaat eruit.

Eerst gaan we naar een treinenkerkof vlak achter Uyuni. Best leuk om even tussen een zooitje verroeste locomotieven en treinstellen door te lopen. Onze chauffeur, José, haalt nog even onze kokkin, Nancy, op en dan kunnen we echt aan onze vierdaagse trip beginnen. Eerst gaan we naar de Salar de Uyuni. Een enorme zoutvlakte. Zo ver als je kunt kijken zie je zout, zout, zout. Alles is wit en vlak, alsof het spierwit ijs op een bevroren meer is. We stoppen bij de 'ojos', waar het water onder de zoutlaag omhoog borrelt. Als we met onze 4x4 over de vlakte rijden, zijn we net een klein nietig stipje. De sfeer is erg goed.
Voor in de auto zitten de chauffeur en de kokkin. Vooral José is erg symphatiek. Jammer genoeg spreken ze alleen maar spaans. Dus we komen niet veel verder dan wat basale conversaties, maar we hebben wel veel lol. Wij zitten met z`n zessen verdeeeld over 2 banken en kletsen over van alles en nog wat. Van reizen (toevallig zijn we allemaal voor lange tijd onderweg) tot zelfs hele politieke discussies (de uitslag van de presidentsverkiezingen in Amerika is net bekend, tot groot ongenoegen van onze Amerikaanse medepasagiers).

Tegen lunchtijd stoppen we bij een eiland midden in de Salar. Het eiland staat vol met cactussen van soms wel 1200 jaar oud en vanaf hier heb je een schitterend uitzicht over de vlakte. We zien zelfs 2 stipjes over de vlakte bewegen wat mountainbikes blijken te zijn. Dat is pas stoer! Nancy maakt onze lunch klaar, terwijl José de auto probeert te repareren. Het dashboard blijft roken en het heeft ook niet echt geholpen dat hij platic heeft gewikkeld om de draden die uit de opening hangen waar normaal de radio zit. Maar nu lijkt het probleem definitief opgelost. We zijn wat verbaasd als José aan ons vraagt waar we vanavond slapen. We hebben geen flauw idee, zo goed hebben we niet opgelet bij de uitleg van de route. Zou hij dat niet moeten weten? Het blijkt dat hij eigenlijk voor een andere organisatie werkt. Onze organisatie had teveel boekingen en heeft ons overgezet naar een `collega´. Aangezien wij het niet weten, bepaalt José vanaf nu gewoon zelf het programma... en dat gaat prima! De rest van de middag rijden we over de Salar en later door een woestijnachtig gebergte. Jenny vraagt José of hij misschien ergens wil stoppen voor een sanitaire stop. 'Ja hoor', zegt José en hij zet direct de auto aan de kant.  Ok.... we staan op een enorme vlakte met hier en daar wat struikjes van 20-30 cm. hoog. Af en toe passeert er een andere 4x4. Verder is er niets te zien... Wij (de dames) kijken elkaar even aan en halen dan onze schouders op. We lopen allemaal een paar meter het veld in, zoeken een zo hoog mogelijk struikje en besluiten ons verder nergens iets van aan te trekken.

We komen aan in een klein dorpje waar we zullen overnachten. Er was ons verteld dat we in een dorm zouden slapen, maar José regelt 3 kamers voor ons. Niet slecht! Van onze kamer kan alleen de deur niet op slot, maar met een Marc met een zakmes is dat probleem zo verholpen. Terwijl Nancy gaat koken, gaan wij het dorp verkennen. In een straatje zijn wat kinderen aan het spelen. Ze vinden het helemaal geweldig als Marc met ze gaat volleyballen en als ik daar foto's van ga maken met de digitale camera. Ze kijken naar de foto's op het schermpje en staan aan een stuk door te giechelen. Ze wijzen de mensen op de foto's aan en noemen hun namen...."Jessica, José en... 'el Gringo' ". We eten 's avond in de eetzaal van de 'hospedaje'. De ruimte is sober met een cementen vloer, tochtige ramen en 2 eenvoudige tafels. Boven een tafel hangt een peertje wat licht geeft. Boven onze tafel hangt niets. Maar geen nood. We zetten gewoon de tv en dvd speler (!!!) aan en dat geeft licht genoeg om bij te eten. Om 10 uur gaat alle stroom uit en gaan we slapen.

De volgende dag rijden we langs schitterende meren met flamingo's. We hebben uitzicht op vulkanen en geweldige landschappen. We komen langs rotsen in de meest mooie vormen, één zelfs in de vorm van een boom. En we zien aparte knaagdieren die lijken op reuzekonijnen, maar ook wel iets van een kangoeroe hebben. Het grappige is dat er heel veel 4x4's op tours vertrokken zijn uit Uyuni, maar dat je er nu bijna geen een meer ziet. Zij rijden waarschijnlijk vlak voor of achter ons maar we lijken alleen op de wereld. Er is een auto van dezelfde organisatie die steeds op dezelfde plaats luncht en slaapt als wij, verder zien we af en toe eens een auto als we ergens stoppen.

Alleen bij de 'highlights' van de tour zien we meerdere auto's. We moeten op een gegeven moment ook stoppen bij een controlepost waar we moeten betalen voor het nationaal park. De post wordt bemand door het leger. De soldaten hebben duidelijk een drukke baan hier, want in de houten tafels is een schaakbord gekerfd. op het schaakbord staan lege patroonhulzen met papieren hoofdjes van de koning, pion, paard, enz... Ze kijken hier heel serieus, dus we durven niet hardop te lachen... Als lunch krijgen we vandaag vlees met een onbestendige smaak, wat later lama blijkt te zijn. Het eten is over het algemeen niet slecht, maar Nancy is pas 15 en moet hier en daar nog wat leren. Gelukkig heeft ze ook veel ketchup en mayonaise bij zich.... Nancy kan erg goed opschieten met de kokkin uit de andere auto. 's Middag rijden ze een stuk samen mee in onze auto. Ze giechelen aan een stuk door. Ze hebben een grote zak coca bladeren bij zich die ze rond laten gaan in de auto. Net als alle locals hier, kauwen we dus cocabladeren. Het smaakt zeker niet vies en je hebt minder last van de hoogte. Je krijgt er alleen wel verdoofd tandvlees van.

We overnachten dit keer aan het lago Colorado... een koraalrood meer. Het is koud hier en het hostel is erg primitief en tochtig. We slapen hier op een slaapzaal met z'n zessen. De bedden zijn tekort en de spiraalbodem lijkt wel een hangmat. Volgens Charlie lijkt het wel de slaapzaal van een weeshuis. Er is hier ook geen lichtknopje. Het licht gaat gwoon om 10 uur uit. Niet eerder en niet later. De volgende ochtend worden we al om half 5 gewekt door José. Nog geen 5 minuten later staat onze 'sergeant major' Nancy al weer in de kamer. We moeten opschieten, want alle andere groepen zijn al veel sneller en of we onze rugzakken misschien al klaar hebben, zodat die alvast op het dak gebonden kunnen worden... charlie is altijd de lul met dit soort dingen, want hij is de enige die goed Spaans spreekt en verstaat. Het is dus aan hem om onze charmante kokkin te vertellen dat ze effe rustig aan moet doen. Wij hebben net allmaal één oog open. Het is koud en stikdonker en dus niet zo verleidelijk om uit je bed te komen. Met een zaklantaarn (electriciteit is er niet op dit uur) zoeken we al onze spullen bij elkaar en poetsen we onze tanden. Ik ben zo'n neuroot die altijd 3 keer onder het bed kijkt of ik niks vergeet als we uit een hotel vertrekken en ik moet me hier dus met een bescheiden lichtstraal uit een zaklantaarn geruststellen dat ik echt alles heb. Om 5 uur zitten we in de auto met al onze truien en jassen aan. José lijkt haast te hebben vandaag, want we scheuren er vandoor. We klimmen een paar uur in het schemerdonker omhoog en dan komen we bij een vulkanische vlakte met modderpoelen en geisers op 4800 meter hoogte. Als we net uitgestapt zijn komt de zon over de rand van de berg heen.
Eerst vormt hij een gouden gloed achter de bergwand en dan pinkt er een zonnestraal over de rand, die precies op de geisers schijnt. Schitterend! We lopen een tijdje tussen het gepruttel, gesis en gestoom en dan gaan we een klein stukje verder. We stoppen aan een meer met een paar warmwaterbronnen aan de rand. We kunnen daar in baden terwijl Nancy het ontbijt klaarmaakt. De meeste mensen kijken alleen toe terwijl een enkeling zich in het water waagt. Ik vind pootjebaden in deze vroegte en deze kou wel stoer genoeg. Na het ontbijt bezoeken we de schitterende 'Laguna Verde'. Hierna gaan we Sara en Nick, de Engelsen, afzetten bij de grens. Zij gaan direct door naar Chili.

Gisteravond hebben we 2 mensen ontmoet, een Duitser en een Amerikaanse, die vanaf hier graag met ons mee zouden willen rijden nu we meer ruimte hebben in de auto. Het klikt namelijk helemaal niet met de rest van hun groep. We hebben de rest van hun groep ontmoet en we kunnen ons hier alles bij voorstellen. De rest van de groep is een stel Israeliërs die elkaar allemaal kennen en zich op z'n minst onbehoorlijk gedragen. We willen hun dus best helpen en onze chauffeurs hebben beloofd om met Uyuni te bellen om het te regelen. Maar we zijn eerder bij de grens dan zij, dus het plan werkt niet. Stiekum verdenken we José ervan dat hij daarom zo'n haast had vanmorgen. Alsof hij geen zin had in gedoe en ze expres wilde mislopen. Wij zitten nu lekker ruim in de auto en we hebben een hoop lol met z'n vieren. De auto gaat steeds gekkere geluiden maken en vanaf het dak lopen straaltjes water over de ruit. Dit blijkt later uit flessen water te komen die kapot zijn gegaan. Dat kan geen kwaad, behalve dan dat onze rugzak zeiknat is. Maar met deze droogte is alles in mum van tijd weer droog. De gekke geluiden blijken uit de uitlaat te komen. Nancy krijgt onderweg nog even de behoefte om de gids uit te hangen. Ze kijkt om en wijst op een stel ezels en roept keihard "uros, uros, ezels, ezels" en begint keihard te lachen.
Daarna is ze weer uren stil. Vage actie...

We stoppen vandaag al vroeg in een klein dorpje waar we de rest van de middag kunnen rondkijken, terwijl José de auto repareert. Er is een voetbal en basketbal toernooi aan de gang waar we naar toe gaan. Vooral de fanfare die voor de achtergrond muziek zorgt doet het goed! Zowaar komen we aan het einde van de middag Jaime en Wolfgang weer tegen. Het meerijden is dan weliswaar misgelopen, maar ze vragen of ze misschien in hetzelfde hotel als wij kunnen overnachten, omdat de situatie in hun groep nu echt dreigt te escaleren. En dus tolkt Charlie voor hun en wordt alles geregeld. We zitten lekker aan een kopje thee samen met de groep uit de andere auto (3 engelse meiden) als Wolfgang binnen komt lopen. Met een zeer dramatische stem vraagt hij of wij weten of er ergens een stopcontact is. Hij staat met z'n electrische scheerapparaat in z'n handen en trekt een moeilijk gezicht. Wij lachen en zeggen dat hij een dagje zal moeten wachten. We hebben allemaal al 3 dagen niet gedoucht... morgen is het weer tijd voor beschaving. Hij kijkt nog moeilijker en zegt dat het begint te kriebelen en dat hij dat gevoel niet prettig vindt. Hier haken we af..... Maar verder is hij wel aardig... 's Avonds komt er een groep uit het dorp voor ons optreden en muziek maken. We krijgen er een hele uitleg bij die Charlie steeds moet vertalen. De groep bestaat uit één volwassen man en 6 kinderen. Ze zijn superenthousiast en het klinkt geweldig.

De laatse dag stoppen we bij de valley of the rocks. Dit is een geweldig mooi stukje met schitterende, grillig gevormde rotsen. Onze cocinera, Nancy, beklimt een van de rotsen. Charlie volgt haar. Nancy roept naar ons dat ze op de foto wil, dus hoewel ze niet meer is dan een stipje in de verte, doen we dat natuurlijk. Als Charlie ook boven is roep ik dat we nog een foto zullen maken.
Nancy gaat er helemaal voor zitten en laat als een fotomodel haar vest van haar schouder glijden. Jammer dat ze er nog 3 dikke truien onder aan heeft....
Daarna volgt er nog een stop in San Cristobal en een lunch (die duidelijk gemaakt is van alle restjes) en dan gaan we terug naar Uyuni. Na al het gehobbel en de stof is het tijd voor een verfrissende douche. Het wordt een snelle douche. Het water is afgesloten, maar gelukkig is de dame van het hostel zo vriendelijk het water even voor ons aan te zetten.... als we maar wel opschieten.. We hangen onze handdoeken even buiten te drogen en maken een praatje met onze buurman die ook Nederlander blijkt te zijn en ons als Nederlander herkent had omdat we wasknijpers bij ons hebben.... (?!) 's Avonds gaan we nog met de hele groep uit eten om het af te sluiten.

Dan wordt het tijd om af te gaan dalen. We vertrekken naar Tupiza wat niet alleen in de richting van Argentinië ligt, maar ook een stuk lager op 2900 meter. De bus naar Tupiza is geweldig. Zo'n oude bus hebben we nog niet gehad.
Het is een super ouderwets model en alle ruiten zitten vol met barsten.
Halverwege komen er enorme stofwolken de bus in vanuit de achterkant. Er blijkt een gat in de bus te zitten. Nadat er wat mensen hebben geklaagd wordt het gat opnieuw opgevuld met een oude autoband en kunnen we weer verder. We delen onze koekjes en spelen met een stel kinderen op de achterbank. Een klein ventje kletst z'n handjes op Marc z'n hoofd. Een kale man hebben ze hier nog nooit gezien..... Tupiza is heerlijk. Het stadje is rustig, weinig toeristisch en enorm vriendelijk. En we hebben een heerlijk hotel. Een lekkere lichte kamer met, volgens de eigenaar, de beste douches van Zuid-Amerika. Dat gaat misschien wat ver, maar de beste van Bolivië zeker. En een tuin vol bloemen en... een zwembad. Ik ga er zelfs nog heel stoer een keer in zwemmen, maar het is wel heel erg koud. Ik houd natuurlijk vol dat het heerlijk is, maar ik moet wel blijven bewegen, anders vries ik vast. Al met al is het een heerlijke plek om een beetje te luieren en te zonnen en we kunnen mooi gelijk even het stof uit al onze kleren, hoeden, rugzakken, enz. wassen. Nu we wat zijn afgedaald voelen we ons ook gelijk een stuk beter, maar Marc blijft vreselijk hoesten met al die stof hier. We dwalen lekker door het dorpje en de markt en worden steeds vergezeld door een groep jochies die ons naar allerlei restaurants willen brengen. Zij krijgen namelijk 2 bolivianos voor iedere klant die ze binnen brengen. We maken hier nog een schitterende wandeling door een kloof vol met grillig gevormde bergen en cactusssen. Dit is het land van Butch Cassidy en de Sundance Kid (die hebben hier hun laatste beroving gepleegd) en het ziet er inderdaad uit als het wilde westen.

Na een paar dagen besluiten we de trein te nemen naar de grens en van daaruit naar Salta in Argentinië te reizen. Een dag van tevoren willen we kaartjes kopen voor de trein naar Villazon aan de grens. We komen binnen in een hele lege hal waar één iemand zit te werken aan een soort bureau in het midden van de ruimte. Vriendelijk vertelt hij ons dat we geen kaartjes voor morgen kunnen kopen. Dat kan pas de dag zelf. De trein vertrekt om 9 uur en we kunnen tussen 8 en 9 uur kaartjes kopen. Om kwart over 8 de volgende dag zijn we op het station. Tot onze verbazing zit de hele hal nu vol met mensen die zitten te wachten tot ze een kaartje kunnen kopen. We moeten een nummertje trekken. We hebben nummer 17 en ze zijn nu bij 95. Dat zou moeten kunnen voor 9 uur. Maar na een kwartiertje beginnen we ons toch wat zorgen te maken. Het verkopen van treinkaartjes blijkt een ingewikkeld proces en we zijn pas een paar klanten opgeschoten. Eén voor één kruipen de nummers voorbij. We gaan het net wel of net niet halen voor negen uur. We vragen ons af wat er gebeurt als we het niet redden. We wachten het maar even af. Waarschijnlijk is de trein toch te laat. Wat we niet verwachtten is dat, als we bijna aan de beurt zijn, er wordt geroepen dat er geen kaartjes naar Villazon verkocht worden! Dit kan pas om 10 over 9. Wat is dit nu weer? Dat de trein eigenlijk om 9 uur hoort te vertrekken lijkt niet uit te maken. En waarom dat niet eerder werd verteld is ons ook niet duidelijk. Als ons nummer aan de beurt is doen we net of we gek zijn en lopen we toch naar voren. Het is inmiddels 5 over 9, maar we krijgen geen kaartjes.

Dezelfde jongen heeft ons gisteren verteld dat we hier om 8 uur moeten zijn, maar hij trekt nu een onwetend ambtenaren gezicht. We snappen er niets van. Een wat oudere man van de stationsbewaking probeert ons uit te leggen hoe het werkt. Om 10 over 9 moeten we een 'beng, beng, beng' horen en dan naar de tafel aan de voorkant gaan en dan kunnen we kaartjes kopen of zoiets. Nu zou ik eens te meer vloeiend spaans willen kunnen spreken. Samen met een stel andere buitenlanders wachten we met vraagtekens boven ons hoofd af. Inderdaad gaat er om kwart over 9 een soort bel. Hierop wordt aangekondigd dat er nu kaartjes voor Villazon te koop zijn. De rest van de verkoop wordt stilgelegd en iedereen die naar Villazon wil moet nu in de rij gaan staan om kaartjes te kopen. Ik geloof dat het te maken heeft met de instelling van de computer. Als ze kaartjes naar het zuiden verkopen, kunnen ze geen kaartjes naar het noorden verkopen of zo....heel bijzonder. Uiteindelijk hebben we dan toch onze kaartjes. De trein arriveert een uur te laat en we stappen in. In de trein maken we nader kennis met het andere stel uit de ´kaartjes-wachtkamer', Ohad en Dafna, een erg leuk stel dat ook naar Salta gaat.

Na een comfortable treinreis komen we aan in Villazon. We lopen naar de grens. Zelfs op een afstand lijkt het wel of aan de andere kant van de brug (de grens) de beschaving begint. Zelfs de Argentijnse vlag is veel groter dan de Boliviaanse. Terwijl wij daar staan, lopen honderen Boliviaanse mannen en vrouwen als een levende trein met zakken lading de grens over. Ze vormen een grote karavaan en lopen in hoog tempo met hun zware bepakking de grens over. Als ze hun lading hebben afgegeven lopen ze via de achterkant van de grenspost via de ongebruikte spoorbrug Argenitinië weer in met hun lege draagdoeken. Daar pakken ze weer nieuwe lading en komen Bolivië weer in. De cirkel lijkt oneindig door te gaan. Er mogen hier maar tijdens bepaalde uren voertuigen over de grens en blijkbaar wordt er zo een vrachtwagen gelost. We bekijken het een tijdje en lopen dan zelf de grens over... de westerse beschaving weer in.
 

TOP